Steun ons en help Nederland vooruit

zaterdag 13 juni 2020

Weekbericht: overeenkomst uittreding Oude IJsselstreek uit Laborijn

Vandaag precies een jaar geleden maakte het college van de gemeente Oude IJsselstreek bekend uit Laborijn te treden. Ik kijk terug op een intensief jaar. Er is veel energie besteed aan verbetering bij Laborijn zelf en tegelijkertijd aan het goed regelen van de uittreding. De basis daarvoor was een enorme betrokkenheid bij de mensen van Laborijn: de medewerkers en cliƫnten. En dankzij die betrokkenheid en inzet is er nu een resultaat waar alle partijen tevreden mee kunnen zijn.

Op 13 juni 2019 besloot het college van de gemeente Oude IJsselstreek uit Laborijn te treden. De manier waarop dat aangekondigd werd, was niet zoals we dat gewend zijn. Waar het college van die gemeente in de jaren daarvoor in belangrijke mate de grondlegger was van de samenwerking Laborijn, was er nu plotsklaps sprake van een geheel ander standpunt. Ik was verrast, juist omdat ik me hiervoor steeds in nauwe samenspraak met de bestuurders van Oude IJsselstreek had ingezet om verbeterpunten op tafel te leggen en te sturen op verandering. Pijnlijk bleek toen: het motto ‘Samen werkt‘ was niet langer het uitgangspunt.

Hoewel ik op verschillende momenten heb geprobeerd met de bestuurders van Oude IJsselstreek te zoeken naar mogelijkheden om binnen Laborijn ruimte te bieden voor een eigen uitvoering, werd vanaf december 2019 duidelijk dat de uittreding onontkoombaar was. Tot de dag van vandaag vind ik dat spijtig, maar ik heb wel snel de keuze gemaakt om de energie te richten op een goed uittredingsproces. Ik ben me er steeds bewust van geweest dat het voor de inwoners van onze gemeente, maar ook voor de inwoners van de gehele regio, het beste zou zijn de uittreding dan tenminste goed te regelen.

Betrokkenheid bij de mensen van Laborijn

Het was een intensief jaar. Het geschetste beeld dat bestuurders zouden rollebollen of elkaar in de haren zouden vliegen, herken ik echter niet. Er is steeds actieve afstemming geweest tussen bestuurders. Daarin werden standpunten met elkaar gewisseld en in een enkel geval werd zo’n standpunt scherp geformuleerd. In mijn optiek hoort dat bij de situatie. Ik heb namelijk gezien dat zowel bij mijzelf als bij andere bestuurders de betrokkenheid bij Laborijn en dan in het bijzonder de medewerkers en cliĆ«nten van Laborijn groot is. In dit werk ervaar je constant voor wie je het doet.

Standpunten werden duidelijk

Adviesbureau BDO werd ingeschakeld om de uitgangspunten op te stellen voor het uittredevoorstel. In december werd inzicht gegeven in de bandbreedte die gehanteerd zou kunnen worden voor de vergoeding die de gemeente Oude IJsselstreek zou moeten betalen voor de uittreding. Vanaf januari tot en met april is er in afstemming met betrokkenen verder aan gewerkt om de vergoeding te specificeren. Oude IJsselstreek schakelde externe adviseurs en een jurist in. Hoewel dat op zichzelf begrijpelijk was, heb ik gezien dat dit ertoe leidde dat de bestuurlijke inbreng kantelde naar een sterk juridische insteek. Ter vergadering werden stukken voorgelezen en er werd met brieven gecommuniceerd. Voordeel: er ontstond duidelijkheid over standpunten. Nadeel: er bleef weinig ruimte over om te besturen. Uiteindelijk was er een verschil van inzicht over de elementen van het eindrapport van BDO.

Een andere weg

Toen de verschillende standpunten op tafel lagen, bleek dat er geen basis was om tot een uittredevoorstel te komen waarin alle partijen zich konden vinden. Ik heb me daarover overigens niet verbaasd, de belangen van partijen waren immers verschillend. Een poging om dan in elk geval tot de kern te komen van de verschilpunten, leidde niet tot direct resultaat. Op dat moment was voor betrokken bestuurders duidelijk dat een andere weg ingeslagen zou moeten worden om tot resultaat te komen. Ik deed een vrij forse oproep aan mijn collega’s om in elk geval de verantwoordelijkheid te nemen samen te blijven werken aan dat resultaat.

Die handschoen is opgepakt. Er kwam bestuurlijk steun voor het instellen van een verkenningsteam. Het team kreeg een vrije rol. Betrokkenen hebben zich enkele dagen met elkaar gericht op de punten waar overeenstemming over was en ook op de punten die nog erg lastig lagen. Deskundigen werden bevraagd en er was beperkt ruggespraak met bestuurders. Ik vond het niet eenvoudig om ruimte te geven aan het team. Het was confronterend om te merken dat ik kennelijk mijn vertrouwen in een goede uitkomst zonder juridisch traject al was kwijtgeraakt. Maar ik zag snel dat het team erin slaagde enkele cruciale punten te overbruggen.

Overeenkomst

Toen het team op 29 mei de uitkomst presenteerde, heerste er in het dagelijks bestuur een stemming van herkenning. De berekening van de uittredingsvergoeding lag op alle punten binnen de bandbreedte van BDO. De gemeente Oude IJsselstreek zou volledig uittreden uit de gemeenschappelijke regeling. Dit maakte het vervolgens mogelijk om afspraken te maken over dienstverlening aan de medewerkers van de sociale werkvoorziening. Voor mij was het vanaf het begin belangrijk dat er geen onduidelijkheid zou bestaan over de uittreding. De blijvende gemeenten moesten er zeker van zijn dat Laborijn volledig gecompenseerd zou worden voor de schade die de uittreding met zich mee brengt. Dit is gelukt. Met tevredenheid ga ik dan ook met de conceptbesluiten naar het college van Doetinchem. Een jaar van hard werken kan op een goede manier worden afgesloten.

Flinke opgave

Nu de gemeente Oude IJsselstreek volledig uittreedt en Laborijn de dienstverlening voor de medewerkers van de sociale werkvoorziening uit Oude IJsselstreek blijft verzorgen is er een belangrijke stap gezet. Tegelijkertijd ligt er zowel voor de gemeente Oude IJsselstreek als voor Laborijn een flinke opgave. Als ik mij verplaats in wat Oude IJsselstreek in zal moeten richten, dan lijkt me dat een ontzaglijke klus. Voor Laborijn geldt dat alle energie besteed kan worden aan verdere optimalisering van de taken die uitgevoerd worden voor inwoners op het gebied van werk & inkomen, waaronder het plan van aanpak ‘Samen sterk voor inwoners naar werk’. Ondanks COVID-19 is Laborijn op de goede weg, dat blijkt uit de jaarstukken van 2019 en de eerste kwartaalrapportage van dit jaar. Er zijn echter nieuwe uitdagingen. Zie daarvoor bijvoorbeeld de Kamerbrief over de uitkomsten van verschillende onderzoeken over de Participatiewet. Ik heb volop energie om daarmee aan de slag te gaan.